Elk jaar probeer ik minstens één boek in het Frans te lezen. Onlangs viel mijn oog op het boekje dat mijn zoon dit semester voor school moet doornemen. En het kon niet beter uitkomen. In 1994 werkte ik in vervanging van iemand op zwangerschapsverlof bij 11.11.11., toen nog het Nationaal Centrum voor OntwikkelingsSamenwerking (NCOS). Het was het eerste werk waarvoor ik écht solliciteerde en het werd meteen een heel serieuze job. Wanneer president Habyarimana op 6 april 1994 uit de lucht wordt geschoten, is het alle hens aan dek voor de repatriëring en het in veiligheid brengen van Belgen en partners waarmee 11.11.11. samenwerkt. Er moeten ook snel standpunten ingenomen worden rond de positie van België en de rol van de Verenigde Naties en de blauwhelmen. Als verantwoordelijke voor de opvolging van het Belgische Ontwikkelingssamenwerkingsbeleid moet ik meteen het onderste uit mijn kannetje halen. Ik word geconfronteerd met het absolute kwaad, maar ook met onvermogen om het vast te pakken. Wie is tenslotte absoluut goed en wie is zonder meer kwaad?

Rwanda in 2017

Het boek ‘Petit Pays’ van Gaël Faye speelt zich af in Burundi. De ‘ik’-figuur, Gaby, groeit er op als zoon van een Fransman en een Rwandese vluchtelinge. Lang voor de genocide van 1994 is de mama van Gaby in Burundi gearriveerd. “Maman et sa famille avaient quitté leur pays pour échapper aux tueries, massacres, guerres, pogroms, épurations, destructions, incendies, mouches tsé tsé, pillages, apartheid, viols, meurtres, règlements de comptes et que sais-je encore. Ils avaient fui ces problèmes et en avaient rencontré de nouveaux au Burundi – pauvreté, exclusion, quotas, xénophobie, rejet, boucs émissaires, depression, mal du pays, nostalgie. Des problèmes de réfugiés.”

Doorgaan met het lezen van “‘Petit pays’…”