Categorie archief: onderwijs

‘En wat deed mijn eigen volk?’

‘Het menselijke leven kan niet worden samengevat.Dat is maar al te waar. Wat niet kan worden samengevat, moet dus worden naverteld…’ . Met deze woorden begint Jos Vander Velpen zijn kroniek over Breendonk. Met een sobere pen geeft Vander Velpen een eerlijke stem aan de slachtoffers, maar laat hij ook op heel indringende wijze zien tot welk een sadisme mensen in staat zijn. Mensen zoals de Vlaamse SS’er Fernand Wyss die in september 1944 in Breendonk in dienst treedt, en die voor geen vernedering of ontmenselijking terugschrikt.

“Hetgeen mij het meeste pijn deed als persoon van Vlaamse oorsprong, was dat de twee SS’ers die belast waren met ons te slagen en ons te vernederen Vlamingen waren. Het is dat wat mij het meeste pijn deed. Als het maar Duitsers geweest waren…maar goed zij waren daar voor dat: zij waren wreed, sadistisch…maar mensen van ons eigen land, van onze eigen nationaliteit, Vlaming of eender wat,… Dat was het moeilijkste om te aanvaarden.  Gaston Gillis, gevangene nr.859″

Zo beramen enkele verzetslui uit Linden in 1944 een ontsnapping. Helaas lekken hun plannen uit. Het gevolg is dat ‘Warreke Poel’ tot bloedens toe wordt afgerost en daarna in de voetboeien wordt geslagen. Zijn vrienden zien de dikke ketens dampen van de hitte, en horen de Lindense paardenboer gillen van de pijn. Ze ondergaan allemaal hetzelfde lot. Dag en nacht lopen ze met hun kettingen rond waardoor hun benen zwellen. Tot grote genoegdoening van Wyss die de mannen bovendien verplicht om uren te gaan rondhuppelen op een met steenbrokken bezaaid terrein.

Op 6 mei 1944 worden de Lindenaars op de trein gezet naar het concentratiekamp Buchenwald. Onder hen ook de vader van mijn dierbare 84-jarige buurman Maurice. Toen ik gisteren met mijn kinderen van acht en elf het Fort van Breendonk bezocht, vonden we zijn naam terug in het register: “Armand Van Uytven, geboren te Houwaert op 26/01/1896, wonend te Linden, opgesloten te Breendonk als gevangene nr. 2533 tot 6/05/1944″. Armand Van Uytven overleed niet in Buchenwald, maar in het concentratiekamp Dora op 19/10/1944.

‘En wat deed mijn eigen volk?’ van Jos Vander Velpen verscheen al in 2003 en is uitgegeven bij EPO. Het boek vormt een mooie aanvulling op een bezoek aan het fort, en slaagt in het opzet om de herinnering aan het verleden levend te houden. Een verleden dat altijd bepalend is voor wie en wat mensen zijn.Moedig en groots, maar ook laf en allerkleinst.

Zoals ook nog eens zal blijken wanneer in hetzelfde Fort van Breendonk reeds in 1944 de ergste soort repressie plaatsvindt. Zo meedogenloos en gruwelijk dat journalist Paul Lévy, zelf gevangen gezet in Breendonk in 1940, het zogenaamde ‘Breendonk II’ een ‘ontwijding’ noemt van de plaats waar hij en zoveel anderen geleden hebben.

Shouting the Fence

Foto Bruno Stevens

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Min en ta? Wie ben je?

Mabaref. Ik weet het niet.

Min wein jay? Waar kom je vandaan?

Mabaref. Ik weet het niet.

Keef w’sa lit hown? Hoe kwam je hier terecht?

Mabaref. Ik weet het niet.

La wein ra yeh? Waar ga je naartoe?

Mabaref. Ik weet het niet

Kech bit’ghanni? Waarom zing je?

B’ganni le’an b’ganni. Ik zing omdat ik zing.

Een prachtig artistiek statement over verzet, hoop en wanhoop, vreugde en verdriet van 300 koorzangers die in de huid kruipen van gewone Palestijnen. Een ode aan de universele behoefte om te communiceren, maar daartegenover de verschrikkelijke onmogelijkheid om bij elkaar te komen. ‘The Shouting Fence’, een muziekstuk van de Britten Richard Chew en Orlando Gough op tekst van dichters als de Palestijn Mahmoud Darwich, is in mijn kleren gekropen.

Des te meer om dat mijn tienjarige dochter, samen met haar klasgenootjes, mee zong en ik haar de afgelopen dagen voor mijn ogen groter heb zien worden. Betrokken, heel goed wetend waar ze mee bezig was, reizend van Gent naar Luik: zingen met een zichzelf helemaal eigen gemaakte boodschap voor de wereld. Het was, zoals een andere mama van de klas schreef, ‘ook een fantastische ervaring voor de kinderen. Dergelijke groeispurt van zelfvertrouwen en eigenwaarde; zelfs de meest ervaren therapeuten doen hier heel wat sessies over om dit te kunnen bereiken’.

http://www.deredactie.be/cm/vrtnieuws/cultuur+en+media/kunsten/091010Theshoutingfence

‘Een kat in een hoek krabt’

Je weet het natuurlijk wel. Je weet wel waar het vandaan komt. Want je hebt het inmiddels allemaal al eerder gezien en geleerd. Sommigen dragen rugzakken mee waar de stoutste verbeelding niet aan kan tippen. Sommigen zijn op jonge leeftijd al zo ‘fucked up’ door het leven dat het niet verwonderlijk is dat ze verongelijkt agressief de wereld naar hun hand proberen te zetten.

lange-wapper_referendumJe weet het natuurlijk wel. En als je erbij stilstaat, bloedt je hart. Maar toch moet je soms NEE!, zo luid als hopelijk straks tegen de Lange Wapper, durven zeggen. En daarbij is het, zoals een collega op een klassenraad van vorige week het verwoordde, ‘heel erg belangrijk dat we elkaar steunen’. Want bij gebrek aan collegiale solidariteit, zouden de broze zelfbeelden van sommige leerlingen wel eens brandhout van je kunnen maken.

Eender welke aanval, soms heel subtiel en bijna onzichtbaar, is de beste verdediging tegen een leven dat niet is zoals het had moeten zijn. Maar aanvallen creëren nieuwe slachtoffers. Mensen, en in een schoolcontext leerkrachten, die in het nauw gedreven worden en zich dan -begrijpelijk toch ook maar weer- vastklampen aan een rigidere aanpak.

Het is niet eenvoudig. Het is helemaal niet eenvoudig om het midden te vinden tussen je begrip voor het waarom van grensoverschrijdend gedrag, en de opdracht daartegenover om er als pedagoog toch nog iets van te maken. In het veld en in de praktijk is het helemaal niet simpel om kinderen die met ongelijke kansen instromen toch met gelijke mogelijkheden te doen uitstromen.

Van leerkrachten wordt veel gevraagd, zeker van die leerkrachten die aan de slag zijn in scholen waar veel ‘zorgleerlingen’ samen zitten. Zij dienen niet alleen hun vak goed te kennen, maar moeten bovendien een behoorlijke dosis kaas gegeten hebben van psychologie en verdragen dat als er dan toch iets fout loopt, zij in de eerste plaats als ‘verantwoordelijken’ met de vinger zullen worden gewezen.

Ik begrijp dan ook erg goed hoe leerkrachten soms uit hun dak kunnen gaan. En daarin schuilt misschien een parallel met wat Luckas vander Taelen onlangs aanhangig wilde maken met betrekking tot wat hij de Brusselse ‘gettojongeren’ noemde. De emmer kan al eens overlopen, zeker als de intentie er een was en is van een hele andere aard. Zeker als je eigenlijk écht gelooft in de noodzaak om de doelstelling  van gelijke kansen voor iedereen waar te maken. Zeker als dát nu net tot de kern behoort van wat je engagement beweegt.

Ik ben het eens met Luckas dat ook Groen!en het debat over waarden en normen dienen te voeren. Elke samenleving heeft immers een raamkader nodig waarin ‘de ja of de nee!’ moet kunnen gelegitimeerd worden. We hebben een raamkader nodig dat mensen, ook leerkrachten, helpt bij de omgang met de gekwetstheid van anderen. Want dat is zeker wél de kern van het verhaal, veeleer en veel veel meer dan het gegeven of een jongere de dag van vandaag wel of geen hoofddoek draagt.

‘Een kat in een hoek krabt’. En de vraag is dan maar of je de klauw met een nieuwe klauw beantwoordt, of het antwoord zoekt in een minder gewelddadige respons. Hoe moeilijk ook. Om te vermijden dat geweld beantwoord wordt met geweld, moet in dialoog en overleg geïnvesteerd worden. En wellicht zoals in een klassenraad, en samen met ouders en andere opvoeders, veel meer dan ooit overeenstemming gezocht worden rond wat in onze gedeelde samenleving aanvaardbaar is, en wat niet. Maar, nogmaals, ik besef ten volle: ook dat is veel moeilijker dan politiek correct zomaar even vlug gedaan.

Verticaal pluralisme?

Sinds oudsher hebben partijen in dit land een andere invulling gegeven aan de interpretatie van de in onze grondwet verankerde ‘vrijheid van onderwijs’. Als door de liberalen de nadruk werd gelegd op de ‘vrijheid van keuze’, dan gold voor de katholieken de ‘vrijheid van inrichting’. Als de liberalen, en ook socialisten, vonden dat de staat de vrijheid van keuze moest waarborgen, dan schikten de katholieken de rol van de staat onder aan hun particulier initiatief.

Schoolstrijd_gr

Vandaag staan opnieuw twee kampen tegenover elkaar, zij het dat de conflicterende partijen nu de traditionele zuilen overstijgen. Vandaag beroepen ‘zij’ zich op de vrijheid van inrichting, omdat ‘wij’ hen de vrijheid van keuze hebben ontzegd.

Maar is de oprichting van moslim-scholen wél een goede zaak? Dat is inderdaad de vraag. Tenminste als ze opentrokken wordt. Tenminste als we stil willen staan bij hoe het nu verder moet met de organisatie van ons onderwijs, en onze samenleving in het algemeen.

Gaan we verder in de lijn van het ‘verticaal pluralisme’ zoals dat door het Schoolpact van 1958 werd geïntroduceerd om een einde te stellen aan meer dan een eeuw schoolstrijd? Of kiezen we vandaag voor een meer ‘inclusief pluralisme’? Blijven we met andere woorden dobberen op het gewapend gehalte van de MULTI-culturele samenleving, of kiezen we voor de vruchtbare duurzaamheid van meer wisselwerking in een INTER-cultureel verhaal?

Vrijheid

Ik vind me graag in het Arabische spreekwoord dat zegt: “als wat je te zeggen hebt niet mooier is dan de stilte, zwijg dan”. Maar soms is de geschiedenis zo arrogant en lelijk dat ze wel moet naverteld worden. Opdat het nooit meer zou gebeuren.

De aanslagen afgelopen weekend in Tel Aviv op een holebi-centrum waarbij enkele jongeren om het leven kwamen. Ook dat zijn zaken waar de wereld beter lang bij stil zou blijven staan. Lang genoeg toch om nog maar eens te beseffen dat er grenzen zijn.

Niemand heeft het recht om het leven, op wat voor wijze dan ook, van een ander mens licht te nemen en erop in te beuken. Niemand. En zelfs al zijn alleen sommigen maar écht schuldig, dan nog nog blijft iedereen verantwoordelijk. Verantwoordelijk voor het feit dat het toch gebeurt. Elke keer weer, in het klein en in het groot.

In naam van de vrijheid. In naam van de wellicht grootste ambiguïteit in dit leven. Want zelfs al zou men het graag willen, vrijheid is nooit absoluut. Ze wordt begrensd door verantwoordelijkheid. Verantwoordelijkheid voor het welzijn van andere levende wezens. Verantwoordelijkheid voor de vrijheid van eenieder. En dus ook verantwoordelijkheid voor wat je zelf (niet) doet.

“Een vrijheid die slechts dient om de vrijheid te ontzeggen, moet ontzegd worden”, schreef Simone de Beauvoir ooit. Ik wens dat dit een hart onder de riem mag zijn voor alle vrouwen (én mannen) die het ook zo begrepen hebben. Mensen die, zoals Jessika Devlieghere in Palestina, in alle genuanceerdheid verantwoordelijk zijn en intens blij om het feit dat duizenden kinderen in Gaza onlangs hun zelfgemaakte vliegers oplieten, hún vrijheid tegemoet.

http://www.maannews.net/eng/ViewDetails.aspx?ID=215883

“een klein moment dat ons allemaal verbindt… de duizenden kinderen in Gaza, de kinderen en jongeren in België en ons Anita.”  Liefs, Jessika.

Zie ook op deze blog: Vliegers voor Vrede; De straat van Parijs; Klaprozen.

‘Jij bent een liefste’

Soms kunnen ze ontroeren. Dan zie ik ze aan het einde van de rit open bloeien, en het beste van zichzelf geven. Dan wordt de leerling die een schooljaar lang lag te slapen op de bank  of gromde om het werk dat zij/hij op zich zag afkomen, plots toch nog een bevlogen gids in de ‘koningskwestie’ of ‘the golden sixties’. Het kan verkeren. Zoals soms ook helemaal niet. En dan kunnen ze ontgoochelen. Dan kan ik onder de indruk zijn van het weinige zelfrespect waarmee studenten zich teksten van anderen toe-eigenen en ze als hun eigen werk indienen…

Lieve Marilyne,

Het zou onnoemelijk veel eerlijker geweest zijn mochten we hier samen nog over hebben kunnen praten. Het zou zoveel rechtvaardiger geweest zijn als de meedogenloosheid van je kanker je gespaard zou hebben, en je nog een hele poos hier zou hebben mogen blijven. Eigenzinnig, direct, krachtig en gepassioneerd.

Het was en is onnoemelijk oneerlijk. Maar zelfs daarin bleef je sterk, en liet je ons, heel onzichtbaar zichtbaar, de herinnering aan je hartstochtelijke levenslust na:

Een zucht is onzichtbaar

Net als de wind

De nacht is onzichtbaar

Als de dag begint

Onzichtbaar zijn de dingen

die ik kwijt ben

die ik nooit meer vind

maar

met mijn ogen dicht

zie ik alles

wat mijn hoofd verzint

(Uit: ‘Jij bent de liefste’ van Hans en Monique Hagen met tekeningen van Marit Törnqvist, uitgegeven bij Querido)

Bedankt, lieve Marilyne. Het ga je goed. ‘Jij bent een liefste’, voor altijd.

Tie

Marilyne Lecompte stierf op 30 juni 2009 op 39-jarige leeftijd aan de gevolgen van kanker. Ze was lerares Frans in het Sint-Jozefinstituut te Kessel-Lo.

Change For The Better – stap 10

Ik heb deze dagen geen tijd om naar alle verkiezingsprogramma’s te kijken, maar gisterenavond kon ik niet anders dan toch even blijven plakken bij de buis. Het debat ging immers over onderwijs. Over de humus van onze samenleving. Over waar we met het onderwijs voor onze kinderen in de toekomst naartoe willen: kiezen we voor een onderwijs van twee sporen, eentje voor de ‘zwakken’ en eentje voor de ‘sterken’? Of kiezen we voor een onderwijs dat streeft naar inclusie en meteen ook naar een grotere sociale gelijkheid?

stap-10

Voor mij telt in ieder geval élk talent en moet het leerplichtonderwijs van vandaag álle jongeren helpen een ruggengraat te ontwikkelen die hen in staat stelt om te leven in en met de uitdagende globale wereld van vandaag. Daarbij komt dat de motivatie en het leren van jongeren inderdaad moet worden opgekrikt. Maar dat kan door de school om te vormen tot een soort ’open leercentrum’ dat samenwerkingsverbanden aangaat met de buitenwereld, en door een toegenomen waardering van de rol van de leerkracht. Wie in het onderwijs stapt vanuit de privésector, zou in ieder geval geen loon- en anciënniteitsverlies meer mogen lijden.

Ik vind het trouwens ook heel erg belangrijk om blijvend aandacht te schenken aan ‘levenslang leren’, en hieromtrent een stimulerend beleid te voeren. Einde 2008 zou maar een kleine 8% van de beroepsactieve bevolking in Vlaanderen deelgenomen hebben aan permanente vorming, terwijl nochtans een participatie aan levenslang leren van 12,5% wordt geambieerd tegen 2010.

In het bijzonder in tijden van crisis is het van belang om geen talenten te verkwanselen. Het is van belang om iedereen in de mogelijkheid te stellen een beroep te leren of zich bij- of om te scholen. Het is van belang om de algemene kennis te verbreden en de zelfredzaamheid van mensen te verhogen. Want ook anno 2009 zijn er in Vlaanderen mensen die ongeletterd zijn, en die dus helemaal niet beschikken over de nodige startkwalificaties voor de arbeidsmarkt.

Change For The Better – stap 6

Tijdens de schooldebatten in de bijna voorbije campagneperiode overkwam het me al een keer meer. Het overkwam me elke keer als ik geconfronteerd werd met een karikatuur als dat we als Groen! het licht zouden gaan uitdoen, naar het stenen tijdperk zouden willen terugkeren, allemaal weer in tenten zouden gaan wonen, en ja hoor, dat onze voorstellen véél te duur zouden zijn om ooit maar een schijn van kans te hebben om gerealiseerd te worden. Dan overkwam het me en viel ik, telkens weer, bijna van mijn stoel.

Zoals ik dat ook daadwerkelijk deed toen ik afgelopen week op Teletekst las: “NV-A heeft het meest concreet becijferde programma, Groen! het duurste“. Ik viel van mijn stoel omdat uit hetzelfde bericht kon opgemaakt worden dat de andere partijen zo veel vager bleven over de financiering van hun programma’s dat de minst kritische geest zich daarbij dan kon afvragen hoe wetenschappers dan in hemelsnaam tot een conclusie in verband met Groen! zouden zijn gekomen?

Vanavond viel het antwoord met de Standaard in mijn elektronische brievenbus: “Paul De Grauwe (KUL) voelt zich gepakt door VRT en collega“. Want er is volgens professor De Grauwe helemaal geen sprake van een studie die zou hebben aangetoond of hebben bevestigd wat aan oude vooroordelen en krokodillen over Groen! leeft. Er is geen studie die aantoont dat Groen! het duurste programma heeft. De Grauwe getuigt dat hij daarvoor inderdaad niet over de nodige informatie beschikte. Integendeel, was zijn fundamentele kritiek dat partijen meer en beter invulling zouden moeten geven aan hun beloftes. Zo dat een kostenberekening door derden in de toekomst inderdaad mogelijk zou zijn.

Professor De Grauwe neemt dan ook afstand van zijn collega-professor Herman Matthijs (VUB) die zich eerder deze week verwonderde over de verontwaardiging van Groen! om wat iemand nu toch wel als een schoolvoorbeeld van intellectuele onernst kan samenvatten. Los immers van het het feit dat het programma van Groen!, terugverdieneffecten niet meegerekend, 3 miljard Euro zou kosten en dat van Open-VLD misschien wel 5 miljard Euro, heeft Vlaanderen zich weer eens van haar kleinste kant laten zien. En is er weer een kermis bij op de al grote kermis van de ongeloofwaardigheid. Is er ook weer wat stof bij gekomen voor leerkrachten om te weerleggen als ze straks hun leerlingen meer leren over de waarde(n) van wetenschappelijk onderzoek, onafhankelijke berichtgeving en democratie. Is er, met andere woorden, weer een reden te meer ‘to change for the better’.

stap-6

Change For The Better – stap 3

De verkeersveiligheid in mijn straat laat al lang te wensen over. Onder meer omdat het wegdek in een erbarmelijke staat verkeert. Zo zeer zelfs dat gisterenmiddag de straat dan uiteindelijk maar zelf is ingezakt: ‘kot in de weg’ van het busverkeer dat nu wordt omgeleid, en het wielerevenement dat voor vandaag, zondag, stond gepland. Tot schaamrood, hoop ik toch een beetje, van de regerende meerderheid in Leuven.

Want we schreeuwen dit probleem, vriendelijk en constructief, al jaren uit. Een beetje zoals wetenschappers als Peter Tom Jones (http://www.petertomjones.be/) al veel langer dan vandaag roepen dat de klimaatcrisis ernstig is. Net zoals de wetenschap al lang betuigt dat het klimaatvraagstuk omwille van zijn verregaande impact op andere wereldproblemen (voedsel, water, conflicten, migratie, economische en sociale stabiliteit) het belangrijkste vraagstuk van de 21ste eeuw zal worden, maar er vandaag niettemin politici zijn die, zoals onlangs nog de CD&V-politicus Jan Laurys tijdens een schooldebat in Landen, de opwarming van de aarde in twijfel trekken.

stap-3Gelukkig, dacht ik op dat ogenblik, zijn er mensen die, anders dan de gangbare politiek, het goede voorbeeld wél al geven. Ondernemers bijvoorbeeld die uitgaan van een zuivere probleemstelling, en op een creatieve manier inhoud geven aan oplossingen die goed zijn voor de economie én de draagkracht van mens en milieu. Ondernemers die de ambities van Groen! en een ecologische economie nu al een stuk realiseren, en alle hulp verdienen om, daar waar nodig, door overheden te worden ondersteund.

Zo gelooft de onderneming Ertzberg uit Leuven, aan wiens schoolwedstrijd mijn eigen kinderen vorig jaar nog met succes deelnamen, steevast in de mogelijkheid om échte duurzame ecowijken te bouwen. Wijken die ook Groen! onder de noemer ‘sociale ecowijken’ in haar programma bepleit om voor de toekomst te realiseren.

Het project ‘Tweewaters’ dat Ertzberg aan de Vaartkom in Leuven plant, is momenteel het grootste centrumstedelijke project in Vlaanderen. Op een terrein van 11ha zullen 1200 woonmogelijkheden gecreëerd worden, afgewisseld met groene ruimten en pleinen. Het is de bedoeling dat in de wijk een gezonde mix van mensen zal samenwonen. Hetgeen zich vertaalt in de inrichting van woningen voor gezinnen, alleenstaanden en senioren, maar ook in nieuwe woonvormen zoals een woning met een rechtstreekse toegang tot kantoor, een kangeroewoning en een kunstenaarswoning.

In het project wordt bewust gekozen voor het behoud van het cultureel erfgoed. Met name de molens van Orshoven en de graansilo’s zullen geïntegreerd worden, en zullen zo de hele wijk een eigen karakter geven. De wijk zal voor 100% op decentraal opgewekte groene energie draaien, en zo zelfs een deel van de stad Leuven van energie kunnen voorzien. Hiermee wordt ‘Tweewaters’ CO2-negatief en zal de wijk een positief effect hebben op het klimaat. Wagens zullen worden afgeleid naar een ondergrondse garage, want de wijk zal ook voor 100% autovrij zijn.

Wie in de toekomstige wijk ‘Tweewaters’ zal wonen, zal er naar de lagere school kunnen gaan en genieten van een lokaal handelssysteem dat gericht is op de dagdagelijkse noden van de bewoners. En via een systeem van mede-eigendom zullen sommige commerciële ruimten voorbehouden kunnen worden voor diensten als een strijkatelier of een buurtwerking. Wie in de toekomstige wijk ‘Tweewaters’ zal wonen, zal tijd winnen, minder gehaast door het leven kunnen gaan, goed zijn voor het milieu en dat alles zonder te moeten inleveren aan comfort.

Of hoe problemen creatief voorkomen en aanpakken, duizend keer beter is dan ‘kotten in de weg’ nadien eindeloos te moeten dichten.

Change For The Better – stap 2

‘Over nieuwe dingen’. Daarover ging het toen paus Leo XIII met zijn encycliek ‘Rerum Novarum’ (1891) de kerk het industriële tijdperk binnen leidde, en solidariteit met de zwakken centraal stelde. En daarover zou het vandaag ook moeten gaan, had het eigenlijk gisteren al moeten handelen. ‘Business as usual’ is geen optie meer. De klimaat-, sociale en financieel-economische crisis vragen om moedige en structurele antwoorden: om duurzame antwoorden.

stap-2Zo hebben we vandaag geen andere keuze meer dan radicaal te kiezen voor een groene ecologische economie. We hebben vandaag geen andere keuze dan te investeren in een Groene New Deal die de economische recessie wil tegen gaan door het geld dat we hebben veel slimmer te investeren. Het jobpotentieel in de sector van de hernieuwbare energie wordt zo geschat op 50.000 banen, terwijl een keuze voor een groene wagenindustrie 15.000 jobs tegen 2020 zou kunnen opleveren.

Investeren in een groene ecologische economie, betekent ook investeren in onderwijs. Nu meer dan ooit. De leerplicht opnieuw verlagen van 18 jaar naar 16 jaar zou een maatregel zijn die ingaat tegen elk gezond verstand. Zoals het lager onderwijs in de periode na wereldoorlog II, verliest het secundair onderwijs vandaag immers meer en meer haar finaliteitkarakter. Of nog: vandaag behalen veel meer jonge mensen een diploma secundair onderwijs dan in het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw.

Met het oog op de doorstroming naar de arbeidsmarkt, dringt een verdere specialisering na het beëindigen van de leerplicht zich dan ook op. Of zoals uit recente cijfers van de VDAB inzake schoolverlaters blijkt: jonge mensen die geen zevende jaar hebben gevolgd, hebben dubbel zoveel kans om na één jaar nog werkzoekend te zijn dan diegenen die dat zevende specialisatiejaar wél volgden. Waaruit volgt dat we in plaats van de leerplicht te verlagen, misschien zelfs nog zullen moeten overwegen om hem te verlengen.

Zoals we ook, met het oog op het algemeen belang, die jongeren die al op jonge leeftijd dreigen af te haken, veel beter en flexibeler zouden moeten kunnen opvangen door veel meer en beter investeren in zinvolle ‘time-out’-projecten. Projecten, zoals bijvoorbeeld een voettocht naar Santiago de Compostella, die vastgelopen jongeren toelaten dichter bij zichzelf te komen. Projecten die jongeren helpen de draad weer op te nemen. Op school als in de samenleving. In de samenleving als op school.